Aan de muziekschool kun je les krijgen op twee strijkinstrumenten: de cello – ook wel violoncello – en de viool. De cello is het grotere instrument en heeft een groot toonbereik. Hij reikt dus van heel laag tot heel hoog, zelfs bijna zo hoog als de viool. De cello kan als basinstrument of als melodie-instrument in alle mogelijk ensembles en orkesten gebruikt worden. Omdat je de tonen zelf precies moet vinden en de linker- en de rechterhand heel verschillende dingen moeten doen (tonen vinden en strijken) is de cello geen makkelijk instrument. Je moet er goed gemotiveerd voor zijn en doorzettingsvermogen hebben.
Je wordt ervoor beloond door een prachtige klank!
In principe kun je op een cello alle soorten muziek spelen, maar hij wordt het meeste gebruikt voor klassieke muziek.
Oefenen
Wie muzieklessen op een instrument volgt, gaat natuurlijk het snelst vooruit als hij regelmatig thuis oefent. Aanbevolen wordt elke dag minimaal 20 - 30 minuten te studeren, afhankelijk van het instrument. Let wel: méér oefenen mag altijd, hoe meer hoe beter!
Docent
Frank de Gee
Beginleeftijd
5 jaar (1/8 cello; zie cursus kleuter en ouder)
7 jaar (vanaf ½ cello)
Kosten instrument
Zolang je nog niet op een hele maat cello speelt is het aan te raden een instrument te huren bij de muziekschool. Als je eenmaal groot genoeg bent voor een hele cello kun je eventueel een cello gaan kopen.
Huur 1/8 of 1/4 cello: € 110,00 per jaar
Huur 1/2 of 3/4 cello: € 139,00 per jaar
Koopprijs hele cello nieuw (inclusief hoes en strijkstok): ± € 1500,00
De aanschaf van een instrument kan het beste in overleg met de docent gebeuren.
Kosten lesmateriaal
Gemiddeld € 40,00 per schooljaar (excl. snaren en hars)

